Paardenkoersen en beurskoersen


Onlangs zat ik in het gezelschap van Eddy Merckx. Niet dat ik geregeld contact heb met de grootste wielrenner aller tijden, maar af en toe komt dat wel eens voor. Nu was het naar aanleiding van een tv-programma dat in de loop van 2008 op het scherm komt. En ook Willy Steveniers was erbij, zal ik er maar snel aan toevoegen. Want de beste Belgische basketbalspeler aller tijden zou het niet appreciëren als hij hier vergeten wordt.

Onvermijdelijk kwam ook de aandelenbeurs ter sprake. Eddy Merckx zei dat hij nog nooit iets gekocht had op de beurs. Dat verwonderde me toch wel. Hoewel… Ook andere Belgische wielerkampioenen hebben hun hele carrière lang ál hun inkomsten op een spaarboekje gezet.

Maar ook ná zijn carrière heeft Eddy dus nooit aandelen gekocht op de beurs. Waarom niet? “Ah,” antwoordde Eddy, “ze hebben me altijd gezegd: “La bourse et la course, il n’y a qu’ une lettre de différence””. En voor alle duidelijkheid voegde Eddy er nog aan toe: “Met “la course” bedoel ik niét “wielerkoersen”, maar “paardenkoersen”.

Als er maar één letter verschil is tussen “la bourse” en “la course”, zou dat dus betekenen dat ze heel erg op mekaar lijken. In een eerste opwelling, heb ik Eddy bezworen dat daar helemaal niets van aan is. Ik moest namelijk meteen denken aan vergelijkingen tussen de beurs en het casino. Of tussen de beurs en een loterij. Totáál onterechte vergelijkingen, daarmee zal elke rechtgeaarde belegger het eens zijn.

Maar bij nader inzien – enkele dagen later – moet ik Eddy andermaal gelijk geven. De beurs en de paardenkoers lijken inderdaad héél erg op mekaar.

Wat is het verschil met het casino en de loterij? Dáár hangt jouw winst helemaal af van geluk. Er bestaat géén effectieve strategie. Ook al zijn er naïeve mensen die geld willen neertellen voor een “systeem” dat hen de Lotto zal doen winnen.

Op de beurs – én op de paardenkoers – kan “geluk” ook een rol spelen. Maar “geluk” is maar van ondergeschikt belang. Wie maakt er het meeste kans om op de renbaan de tiercé te winnen? De speler die er het meeste van ként. En zo is het ook op de beurs. Het is weliswaar geen garantie, maar de belegger die het beste geïnformeerd is, maakt het meeste kans op winst.

Beleggers én paardenwedders hebben er dus alle belang bij om zich zo goed mogelijk te informeren. Maar wat zien we in de praktijk: veel deelnemers vatten het op als een spel. Ze gaan gokken. Want inderdaad: met een geslaagde gok, valt het meeste te verdienen.

Een paard dat als outsider van start gaat, levert de grootste winst op. Als het paard als eerste door de finish gaat, tenminste. Want dat is doorgaans het probleem: die paarden (aandelen) waarmee de grootste winst behaald kan worden, komen zelden als eerste door de finish.

De winnende strategie – zowel op de beurs als op de renbaan – is doorgaans om in te zetten op de béste paarden. De winst is dan doorgaans niet spectaculair, maar je bent wel váák bij de winnaars.

Ook al lijken de beurs en de paardenkoers dus heel erg op mekaar, toch zou ik u aanraden om uw zuurverdiende spaarcenten niét op de edele viervoeters in te zetten. En ik heb daar een hele goeie reden voor.

Als uw paard niét als eerste door de finish gaat, dan bent u uw inzet volledig kwijt. Op de beurs is dat niét het geval. Zelfs als uw knol als laatste over de streep strompelt, dan houdt u nog altijd iets van uw inzet over. Meer nog: uw paard hoeft helemaal niet als eerste door de finish te komen, opdat u winst zou boeken. Ook met de meelopers onder de aandelen, valt er doorgaans wat te verdienen.

Inderdaad, zelfs al is er maar één letter verschil tussen “la course” en “la bourse”, het is toch een heel groot verschil!